Referendum “sleepwet”

SLEEPWET – STEM TEGEN APARTHEID EN SCHENDING VAN DE MENSENRECHTEN!
Op 21 maart aanstaande vindt het raadgevend referendum over de nieuwe Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten, beter bekend als de sleepwet, plaats. De wet brengt grote risico’s met zich mee voor de privacy, de rechten en de vrijheden van de burger. Ook geeft het de inlichtingen- en veiligheidsdiensten de mogelijkheid om onze gegevens door te geven aan buitenlandse veiligheids-diensten, waaronder die van bezettingsmacht en Apartheidsstaat Israël. Dit zou ten koste gaan van de geweldloze strijd voor de rechten van de Palestijnen.

Volgens de nieuwe wet mag nu voortaan alle communicatie over internet afgetapt en bewaard worden voor drie jaren. Het betekent dat hele wijken, steden, bevolkingsgroepen of leden van een politiek-sociale beweging gesleept kunnen worden. Internetdiensten worden verplicht om hieraan mee te werken, en ook kan er in privécomputers en randapparatuur ingebroken worden om data te bemachtigen die niet over internet verzonden wordt. Volgens de overheid is deze wet bedoeld om burgers effectiever te beschermen tegen terreuraanslagen. Duidelijke waarborgen tegen misbruik van de macht en de mogelijkheden die inlichtingen- en veiligheidsdiensten hierdoor krijgen toebedeeld zijn er echter niet. Wat tevens verontrustend is, is dat de sleepwet geheime diensten in staat stelt gegevens door te spelen naar, en dataverzameling uit te besteden aan buitenlandse overheidsdiensten.
Bij zulke buitenlandse overheidsdiensten kan gedacht worden aan Britse en aan Amerikaanse geheime diensten, maar zeker ook aan hun Israëlische evenknieën. Er is sprake van een intensieve veiligheids-, inlichtingen- en militaire samenwerking van Nederland met Israël. Zo levert in ons land het Israëlische bedrijf NICE, dat naar eigen zeggen gespecialiseerd is in het onderscheppen, verwerken en analyseren van communicatie, diensten aan de Nederlandse veiligheidsdiensten AIVD en MIVD. En zo levert de Nederlandse wapenindustrie onderdelen voor de wapensystemen van de VS en Israël, worden in Israël de Nederlandse wapensystemen getest en ontwikkeld en fungeert Israël als doorvoerland voor de export van Nederlandse wapensystemen voor export naar verboden conflictgebieden. Omdat de Nederlandse overheid er veel aangelegen is om deze samenwerking met Israël goed te houden, brengt de nieuwe sleepwet het gevaar met zich mee dat dit laatste land nog meer van de massaal in Nederland onderschepte en afgetapte gegevens zal kunnen gaan profiteren.

 

 

 

 

 

 

Dit zal Israël in staat stellen om die gegevens te misbruiken ten behoeve van de onderdrukking van de Palestijnen en van anderen die voor hun rechten opkomen. Hierbij kan gedacht worden aan het straffen van Palestijnen in Israël/Palestina op basis van onderschepte communicatie van familie en kennissen in Nederland, aan het verstoren van het werk van juristen en mensenrechtenorganisaties ten behoeve van een internationale veroordeling van Israëlische mensenrechtenschendingen en oorlogsmisdaden, het beschadigen van de reputatie van Israëlcritici, het selecteren en mogelijk chanteren van politici en adviseurs om regeringsbeleid te kunnen beïnvloeden, het versterken van de positie van Israëlische bedrijven bij aanbestedingen door middel van de verzamelde gegevens en het intimideren van Nederlanders om hen ervan te weerhouden zich uit te spreken tegen Israëlische misdaden tegen de Palestijnen.
De Israëlische ten aanzien van de Palestijnen politiek kenmerkt zich door mensenrechten-schendingen als willekeurige massa-arrestaties op politieke gronden, militaire showprocessen, marteling en mishandeling, buitengerechtelijke executies, collectieve bestraffing van de Palestijnse bevolking, het onteigenen van hun grond, de sloop van hun woningen en daarmee hun etnische zuivering ten behoeve van Joods-Israëlische kolonisatie. Kolonisten in het bezette Palestijnse gebied zelf zijn eveneens bewapend en plegen herhaaldelijk terreurdaden tegen de Palestijnse bevolking.
Door dit alles kalft de reputatie en de geloofwaardigheid van Israël als democratische rechtsstaat internationaal gezien steeds verder af en maakt het land zich in toenemende mate zorgen over de effecten van een geweldloze, door Palestijnse maatschappelijke organisaties geïnitieerde en geleide internationale beweging die Boycot, Desinvesteringen en Sancties (BDS) tegen dat land bepleit totdat het internationaal recht en de mensenrechten van de Palestijnen worden gerespecteerd. Israël heeft de tegenaanval tegen deze beweging ingezet door het opzetten van een zogeheten anti-delegiti-matie afdeling. Deze instelling is geen verantwoording aan regering en parlement verschuldigd en kan ongecontroleerd zijn gang gaan in het bestrijden van BDS-activiteiten wereldwijd. Het schuwt daarbij intimidatie, bedreiging en chantage niet. Israël neemt zijn toevlucht tot ondemocratische maatregelen als zwarte lijsten en ontzegging van de toegang tot het land om BDS-activisten te bestrijden. De sleepwet zal Israël in staat stellen om dit model van onderdrukking en intimidatie ten behoeve van de onderdrukking, kolonisatie en etnische zuivering van de Palestijnen ook in Nederland te doen gelden. Laat je stem hiertegen horen en zeg nee tegen de sleepwet!
STEM TEGEN OP 21 MAART!

Kritiek vanuit diverse maatschappelijke organisaties en adviesorganen op de internationale dimensie van de Wet op de Inlichtingen en Veiligheidsdiensten

De vorig jaar zomer door de Eerste Kamer aangenomen Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten vervangt de gelijknamige wet van 2002. Deze oude wet was namelijk niet meer accuraat. Het communicatieverkeer, ook over kabels, was enorm toegenomen, er werden door providers grote hoeveelheden ‘metadata’ verzameld, de Nederlandse overheid was al een aantal malen op de vingers getikt door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) waar het ging om toezicht en controle op de veiligheidsdiensten, de oorlog tegen het terrorisme leidde tot intensievere samenwerking met buitenlandse collega-diensten en dan bleek ook nog eens dat we op grote schaal bespioneerd werden door de Amerikaanse NSA.
Alles bij elkaar teveel om met een paar wijzigingen de oude wet aan te passen en dus werd een geheel nieuwe wet ontworpen en, voordat deze naar de Tweede Kamer werd gestuurd, in de zomer van 2015 via een internet-consultatie aan de bevolking voorgelegd. Daarop kwamen 1100 reacties die grotendeels betrekking hadden op een vijftal onderdelen van de wet: (1) het sleepnet-onderdeel, (2) het toezichts- en klachtstelsel, (3) het binnendringen in computersystemen, (4) de medewerkingsplicht tot het ontsleutelen en (5) de samenwerking met buitenlandse diensten. Reacties op dit laatste onderdeel dat centraal zal staan in dit pamflet waren onder andere afkomstig van Amnesty International en Bits of Freedom, maar staan ook in de door TNO uitgevoerde privacy-assessment.
In de wetstekst vormen de artikelen 88, 89 en 90 de paragraaf die speciaal gewijd is aan de Samenwerking met inlichtingen- en veiligheidsdiensten van andere landen, waarbij achtereenvolgens ingegaan wordt op het aangaan van een samenwerkingsrelatie, op het verstrekken van geëvalueerde èn ongeëvalueerde gegevens en het doen van onderzoek op verzoek van die buitenlandse diensten en het vragen om gegevens of ondersteuning aan een buiten-landse dienst. Ook in een aantal andere artikelen (met name de artikelen 19, 25, 62, 64, 65 en 69) komt de samen-werking met buitenlandse èn internationale inlichtingen-, veiligheids- en beveiligingsdiensten echter voor. Van belang is dat het bij deze buitenlandse diensten zowel om civiele als om militaire diensten kan gaan.
Samenwerkingsrelaties

 

Bij de privacy-assessment wordt geconstateerd dat waar in de oude wet werd gesproken over het “onderhouden van verbindingen” met buitenlandse diensten, in de nieuwe wet sprake is van het (veel intensiever klinkende) “aangaan van samenwerkingsrelaties”. Deze verandering van terminologie weerspiegelt de ontwikkeling dat in de tussenliggende tijd de geheime diensten inderdaad veel intensiever met elkaar zijn gaan samenwerken. Met het oog hierop stelt het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM) voor om het internationaal toezicht op geheime diensten te versterken. Binnen de Europese Unie vervult het EHRM die taak ten dele, maar dit Hof stelde al meermalen vast dat met name dat “de Amerikaanse wetgeving onvoldoende waarborgen kent”.
De nieuwe WIV stelt dat bij samenwerkingsrelaties sprake moet zijn van landen waar de democratische inbedding, de eerbiediging van de mensenrechten en de professionaliteit van de dienst goed geregeld moeten zijn, maar Amnesty International en Internet Society Nederland vragen zich af wat “goed geregeld” dan betekent. In de privacy assessment wordt enerzijds bepleit om aan deze drie criteria ook nog dat van ‘transparantie’ toe te voegen en anderzijds aangestipt dat de wetgever zelf aangeeft dat “de huidige diffuse dreigingssituatie soms contacten vereist met diensten die niet aan alle eisen voldoen”. Hoewel de NSA-onthullingen duidelijk maken dat samenwerking met de Amerikaanse diensten niet aan de criteria voldoet, is een beëindiging van die samenwerking ondenkbaar.
De toetsing om op grond van de genoemde criteria wel of geen samenwerkingsrelatie aan te gaan of voort te zetten zou derhalve niet aan de minister overgelaten mogen worden, maar door een onafhankelijke rechter moeten plaatsvinden, zo stelt onder andere de Privacy Barometer in haar reactie. In plaats daarvan biedt de wetgever de minister zelfs de mogelijkheid om deze toetsing aan het diensthoofd over te laten, hetgeen door veel organisaties wordt bekritiseerd. “In het metier van inlichtingen- en veiligheidsdiensten is immers bij de uitwisseling van informatie het beginsel van ‘quid pro quo’ (voor wat hoort wat) een belangrijk element: zonder wederkerigheid geen informatie,” zo stelt ook de privacy assessment.

Het leveren van informatie aan buitenlandse diensten

De genoemde samenwerkingsrelaties zijn natuurlijk vooral bedoeld om informatie uit te wisselen. De grootste kritiek op het betreffende artikel betreft de mogelijkheid om niet alleen heel specifieke en doelgerichte informatie uit te wisselen maar ook de zgn. bulkinformatie die via het zgn. sleepnet is bijeen gegaard. “Ongeëvalueerde” data waarvan de eigen diensten niet weten welke informatie daar eigenlijk in besloten ligt. En omdat je niet weet wat je aan de buitenlandse diensten levert, kun je dus ook niet controleren op eventueel gestelde waarborgen ten aanzien van het gebruik ervan, zo beredeneert Amnesty International in haar reactie. De mensenrechtenorganisatie is van oordeel dat ongeëvalueerde, via het sleepnet verkregen bulkinformatie niet uitgewisseld mag worden.
Privacy First meldt in haar zienswijze dat ze op dit punt een proces tegen de Staat voert, terwijl in de privacy assessment kritisch wordt opgemerkt dat in tegenstelling tot specifieke informatie bulkinformatie niet alleen op aanvraag verstrekt wordt, maar ook structureel aan “specifieke internationale samenwerkingsverbanden” (waar-onder de NAVO). Stichting Vrijschrift constateert dat het door deze uitwisseling mogelijk is dat NAVO-bondgenoten gezamenlijk massasurveillance van eigen burgers realiseren, terwijl ze op het niveau van de individuele NAVO-lidstaat kunnen beweren dit niet te toen. Door de structurele samenwerkingsrelaties en specifieke internationale samenwerkingsverbanden blijkt het dus mogelijk om nationale wetgeving en toetsing te omzeilen.
Maar ook bij de levering van wèl geëvalueerde gegevens aan buitenlandse diensten zijn kritische noten te kraken. Zo wordt in de privacy assessment opgemerkt dat bij de verstrekking op aanvraag van inlichtingen over specifieke personen niets geregeld is over toetsing en toestemming en bovendien blijkt het, via artikel 69, mogelijk om aan buitenlandse diensten verouderde gegevens te leveren zonder check hoe actueel ze nog zijn. Amnesty International bepleit dat gegevens over specifieke personen alleen verstrekt mogen worden als de doelstellingen van de buitenlandse dienst overeen komen met de doelstellingen waaronder de Nederlandse dienst ze heeft verkregen en de Commissie van Toezicht dat er voorwaarden gesteld worden aan de behandeling van de betreffende persoon.
Inschakeling van buitenlandse diensten voor eigen inlichtingenwerk
Artikel 90 regelt de inschakeling van buitenlandse diensten voor het eigen inlichtingenwerk. In de privacy-assess-ment wordt geconstateerd dat dit een grote stap voorwaarts is ten aanzien van de vorige wet omdat deze natuurlijk al langer bestaande praktijk nu eindelijk van een wettelijke basis wordt voorzien en ook aan voorwaarden wordt gekoppeld. Er kan immers niet uitgesloten worden dat waar de eigen dienst tegen de grenzen van haar bevoegdheden aanloopt, een beroep wordt gedaan op een bevriende buitenlandse dienst om de gewenste informatie alsnog te verkrijgen. In de assessment wordt echter vastgesteld dat in het wetsartikel alleen eisen worden gesteld aan de bevoegdheden; niet aan de omstandigheden waaronder ze kunnen worden ingezet!
Aldoende is via de inschakeling van buitenlandse diensten nog steeds het verkrijgen van inlichtingen via een U-bocht mogelijk en kunnen inlichtingen die op een niet-legale manier verkregen zijn via de inschakeling van die buitenlandse dienst “witgewassen” worden. Bits of Freedom voegt daaraan toe dat het ook andersom mogelijk is dat buitenlandse diensten die van hun wetgever minder bevoegdheden hebben, via de Nederlandse diensten die door de nieuwe wet heel veel bevoegdheden krijgen, voor zichzelf zo’n U-bocht-constructie creëren waardoor de Nederlandse diensten hen niet alleen ondersteunen in de informatieverstrekking maar ook in het omzeilen van de eigen wetgeving.
Het Nederlands Juridisch Comité voor de Mensenrechten vindt dat in dit artikel in ieder geval ook geregeld zou moeten worden dat bij het verkrijgen van informatie van buitenlandse diensten getoetst wordt of deze volgens de eigen èn de Nederlandse regelgeving is verkregen. Nu ontbreekt dat volledig, ook in artikel 19 waarin beschreven wordt welke persoonsgegevens door de Nederlandse diensten AIVD en MIVD gebruikt mogen worden en die van andere inlichtingen- en veiligheidsdiensten afkomstig zijn. Er blijft hier een gat in de regelgeving bestaan dat de Nederlandse diensten de mogelijkheid biedt om in voorkomende gevallen de vigerende toetsingskaders en toezichthouders te omzeilen.

In herinnering: de NSA-onthullingen

Privacy Barometer schrijft: Vorig jaar [in 2014] bleek op pijnlijke wijze dat de MIVD met een sleepnet informatie verzamelt voor de Amerikaanse inlichtingendienst NSA. Zonder dat iemand het wist werden er 1,8 miljoen telefoongespreksgegevens aan de Amerikanen overhandigd. De toezichthouder beoordeelt deze werkwijze als onrechtmatig: “De Commissie is van oordeel dat de huidige werkwijze van de MIVD niet in overeenstemming is met de Wiv 2002 en geen invulling geeft aan de waarborgen die in de wet besloten liggen. Deze werkwijze is derhalve onrechtmatig.” (toezichtsrapportnr. 38, blz. 35) (…) Welke criteria de Amerikanen hanteren om de gegevens vervolgens te gebruiken, is onbekend. Mogelijk zijn de gegevens gebruikt om drone-aanvallen uit te voeren.
In de privacy assessment wordt vastgesteld dat waar bij samenwerking met binnenlandse diensten de goedkeuring door de minister zelf genomen moet worden, deze door de nieuwe wet bij het ondersteunen van buitenlandse onderzoeken juist gemandateerd kan worden naar de veiligheidsdiensten zelf. De Commissie van Toezicht wijst op het ontbreken van een duidelijke toets en een wettelijk kader waaraan dergelijk ondersteuning door Nederlandse veiligheidsdiensten aan buitenlandse diensten moet voldoen. En Amnesty International vraagt zich af welke belangen van de buitenlandse diensten door de Nederlandse diensten behartigd mogen worden. Het is niet uitgesloten dat het daarbij om andere belangen gaat dan voor de Nederlandse diensten toegestaan.
met het
op het
Enschede voor Vrede www.enschedevoorvrede.nl NL52TRIO0198319967
t.n.v. VEDAN, Enschede
REFERENDUM . Nog meer lezen? Zie of klik:

http://www.enschedevoorvrede.nl/wp-content/uploads/2018/03/VredesMagazineDossierSleepwet.pdf

en

http://www.enschedevoorvrede.nl/wp-content/uploads/2018/03/VredesMagazineDossierSleepwet.pdf